Living in Nomad’s land

Om te begrijpen wat het is om als nomaad te leven moet je het gewoon eens meemaken dachten wij. En daarom zijn wij enkele dagen te gast bij een nomadenfamilie, in een desolate omgeving die hun thuis is.

We maken kennis met de gastvrijheid en bescheidenheid van de eenvoudig levende Mongoolse nomaden. We nemen een kijkje in hun dagelijkse doen, met hun gebruiken en tradities. Eten wat de pot schaft, slapen in een authentieke ger, en de familie bijstaan met hun dagelijkse werkzaamheden.

Onze gertent staat aan de oever van een riviertje, temidden van de kuddes yaks, geiten, schapen, koeien, en paarden.  De WC barak staat 100 m verder.  De gertent van onze familie heeft via een zonnepaneel electriciteit, en de TV staat op nationale sport.

We worden ontvangen met een kommetje warme paardenmelk, verse roomkaas en gedroogde  kaaskoorden. Maar het meest gevreesde komt ook tevoorschijn:  de grote kom makh, gekookte organen, vet, hersens en de ogen van schaap. Eerst wordt er een schoteltje geofferd aan Boedha, en daarna mag iedereen naar hartelust  toetasten.Onze maag keert van de geur alleen al…  Gelukkig is onze chauffeur een grote amateur van deze fingerfood delicatesse, en hoeven we ons niet te schamen dat de kom niet leeg geraakt.

De lunch is een ongecompliceerde sholte khool (maaltijdsoep), met dim sums van schapevlees (buuz), en zelfgemaakte droge koekjes.

Daarna worden de paarden gezadeld en stappen we naar de top van de Khorgo vulkaan voor een prachtig uitzicht op de vallei.

Bij zonsondergang worden alle kuddes met paard en brommer naar hun schuilplaats geloodst. Eerst de schapen, dan de yaks en daarna de paarden.
Erwin sprokkelt hout bij elkaar en maakt de kachel aan. Het diner bij kaarslicht bestaat uit rijst, koude gebakken aardappelen en schapevlees met copieuze hoeveelheden vet, en melktee met zout. Het dessert is een yoghourt van Yak- en koeienmelk.

De plotse overdosis aan vet – en melkproducten heeft onze darmen lelijk op proef gesteld. Je bent tot in je tenen wakker als je s’nachts bij vriesweer 100 m.naar de WC moet wandelen …
Maar het is wel genieten van de fonkelende sterrenhemel en de volle maan onder het geluid van de huilende wolven, de loeiende yaks en de hinnikende paarden… Ik wakker het vuur terug aan en leg nog een blokje hout bij. Met thermisch ondergoed, kousen en 6 dekens halen we de ochtend wel.

Bij het krieken van de dag is onze gastvrouw de Yaks al aan het melken.We helpen haar en brengen de volle emmers terug naar de Ger. De melk van de Yaks is bijna geklopte room, zo dik. Maar al dat vet helpt een nomaad de winter door.

Als ontbijt krijgen we gekookte koude rijst met rozijnen en thee.

De nomaden verhuizen  4 keer per jaar naar een andere plek.  Ze zoeken beschutting  voor wind en kou, voldoende zonlicht, voldoende  gras voor de kuddes, en de nabijheid van een rivier.

Een doorsnee gertent is 250 kg en kan door één kameel gedragen worden.
Als het nodig is zijn ze op 1 dag ingepakt en vertrokken.

Over een nomadenleven gesproken! Nu weten we pas goed wat dat betekent…

“Zelfs op reis wegen honderd bezienswaardigheden niet op tegen één werkelijke ontmoeting”    (Paul van den Bergh)

« 2 van 2 »

6 comments